Magyar Agár

Magyar Agár
Karakter

Magyar Agár is robuust, actief, vasthoudend en moedig. Hij is minder snel dan de Greyhound maar wel standvastiger en onvermoeibaarder in de achtervolging. Hij wordt in Hongarije gebruikt om hazen en vossen op de vlucht in te halen en te doden. Hij heeft een matig reukvermogen. Hij is zachtaardig, aanhankelijk, kalm, toegewijd, kort-om een gewaardeerd gezelschap. Hij stelt zich vrij onafhankelijk op, maar is wel evenwichtig. Hij moet consequent worden opgevoed.

Raskenmerken

Land van herkomst
Hongarije
FCI nr, sectie, groep
240, 03, Windhonden
FCI Rasstandaard
Gewicht
Reu: ongeveer 30 kg. Teef: ongeveer 25 kg.
Schofthoogte
Reu: 65 tot 70 cm. Teef: iets kleiner.
Levensverwachting
12 tot 14 jaar
Gebruik
Jachthond. Gezelschapshond.
Kleur
Alle kleuren zijn toegestaan; effen, gevlekt of gestroomd.
Achtergrond

Hij stamt waarschijnlijk af van de Aziatische Windhonden die in de negende eeuw door de Magyars in Hongarije zijn ingevoerden waarschijnlijk gekruist met lokale renhonden. In de negentiende eeuw werd hij gekruist met de Greyhound om een snellere hond te krijgen. De Magyar Agár (agár is Hongaars voor Windhond) deed zijn intrede in Frankrijk in de jaren 80. In 1966 werd het ras door de FCI erkend.

Verzorging

Als het moet, kan hij zich aan het stadsleven aanpassen. Hij moet echter wel regelmatig kunnen rennen. Men moet hem niet te dicht bij vee laten komen. Dat geldt trouwens voor alle windhonden. Twee keer per week borstelen is voldoende. Hij kan slecht tegen de kou.